Archives for eetgedrag

Van de Dikke naar de Dunne – week 12

 

Wat vliegt de tijd. Twaalf weken alweer, en er is een mijlpaal bereikt! Nullen in het venster. Mijn gekoesterde cabriootje heeft me 200.000 veilige kilometers bezorgd….. En jawel, de weegschaal staat op 100 dames en heren. De psycholoog van het Bariatrisch Centrum vroeg me afgelopen dinsdag wat mijn streefgewicht was. Ik zei dat ik het niet wist. Dat is natuurlijk geen gewenst antwoord voor een psycholoog.

 

Bezinning

Op drie andere manieren probeerde ze erachter te komen wat mijn einddoel was. Welke kledingmaat ik nastreefde. Daarover kon ik kort en krachtig zijn. Een gezond BMI en daar hoort een gezond gewicht bij. En dat is voor mij niet in concrete cijfers uit te drukken. Als mijn lijf over een jaar stopt met afvallen en de weegschaal staat op 85 dan ben ik tevreden. Staat de weegschaal op 80 dan ook, staat hij op 75 en ik heb het altijd koud en ben altijd moe; dan niet. Ik ben er niet zo mee bezig. Daarna vroeg ze hoe ik me voelde met die 19 kg die er af was. “Goed”, antwoordde ik. “Maar hoe voelt dat vanbinnen?” “Ook goed”. Tja, wat moet ik daar nu op antwoorden. Ik voel het verschil als ik de trap op loop, of als ik buiten een verre wandeling maak. Als ik me omdraai in bed, als ik de armleggers van mijn bureaustoel naar binnen moet bijstellen. “Wat doet het met je?”. Het lijkt alsof GOED niet goed genoeg is. Voor mij wel. Normaal gezien mag je drie tot vier keer naar de psycholoog. We spraken af dat ik zou bellen als ik problemen zou ondervinden met mijn veranderende lichaam of problemen zou krijgen in eetgedrag.

 

Eetgedrag

Ik ben me bewust van mijn veranderde maagje hoor. Ik eet kleinere porties maar probeer ook zo normaal mogelijk te leven. Ik maak andere keuzes. Als ik ga lunchen, bestel ik soep. Dat kan ik op en is eten en drinken tegelijk. En ’s avonds eet ik met mijn gezin mee, soms neem ik wat anders omdat ik daar zin in heb. Gewokte spinazie met stukje zalm vind ik heerlijk en de rest niet. Voorheen deed ik dat niet zo gemakkelijk, iets alleen voor mezelf maken maar nu dus wel. En gisteren kwam ik voorbij bakker Dudok in Roosendaal. In de vitrine lagen nog twee Roosendalertjes. Gérard is er gek op. ’s Avonds maakt ik hem blij met 1,5 Roosendalertje en ik was blij met een halve. En nog blijer was ik dat hij het songfestival niet hoefde te zien.

 

Sporten

Op mijn werk is er een nieuwe collega gestart. Ze had ruim een jaar geleden ook een GBP ondergaan. Ze was zo slank als wat en het zag er allemaal stevig uit. “Ik ga drie keer per week sporten; krachttraining”, zei ze en voegde eraan toe dat ze sporten voorheen haatte. Er is dus hoop. Ik ga nog enkele weken naar het sportklasje in Pand 7 en meldt me dan aan bij mijn fysiopraktijk voor het zwaardere werk onder begeleiding. Afgelopen week was weer een leuke sportles. Strandjurkje was opeens weer van de partij. Opnieuw zat ik tegenover haar op de ligfiets. Het jurkje wappertje nog altijd vrolijk naar boven en het uitzicht was hetzelfde. Ik draaide mijn hoofd naar links want er speelde weer een hele film in mijn hoofd af. De coach, die mijn blogs inmiddels ook leest durfde mij niet aan te kijken. Op de een of andere manier kregen we het over ondergoed en noemde ze de taille-slips van de Hema van organisch katoen. Hint Hint. Ik had diep respect voor een meneer die nog steeds aan de maat is maar inmiddels dus al 40 kg was afgevallen. Hij hield 2 gewichten van 20 kg in zijn handen en liep er daarna mee naar het rek. Ik zag het verschil in lopen toen hij die gewichten vasthad. En op zulke momenten ben ik heel dankbaar dat een gpb operatie een mogelijkheid is voor mensen net als ik, die het niet gelukt is om met wat voor diëten, sportscholen en andere manieren gewicht te verliezen. Je ziet de blijdschap op de gezichten van mijn medesporters daar in Pand 7. Het zou zo fijn zijn als mensen er niet zo over zouden oordelen. De mensen die na de operatie zich daar aanmelden om te sporten zijn allemaal gemotiveerd om deze nieuwe kans op een gezond lichaam te koesteren en te onderhouden.

 

De maat is VOL – deel 2 – Minderen

Het is alweer een maand geleden dat ik hier met de billen bloot ging. Figuurlijk dan natuurlijk. Want het draait uiteraard om mijn figuur. Het gaat niet om mijn billen, die gaan er nog mee door, vind ik zelf.

 

 

Ik zie ze nooit als ik in de spiegel kijk, dat scheelt. Nee even serieus nu. Mijn gewicht dus, iets boven de toegestane snelheid op de wegen rond de randstad. Of mag je daar 100 in plaats van 120? Anyway.

In mijn vorige blog schreef ik over mijn eerste bezoek aan de diëtiste. Dat was op 15 maart 2017. Vol goede moed stapte ik buiten. Ik had geen streng dieet meegekregen maar ze had een boekje opengedaan over mijn eetgewoonten. In dat boekje stonden plaatjes over de grote van de porties die je van iets eet. Bovenste rij was voor de anorexia gevallen, de middelste rij was normaal. De onderste rij… nou, bij puree draaide ik nog even de bladzijde om… daar stonden de groenten. Beschaamd wees ik het laatste vakje aan in de onderste rij. Ook bij biefstuk zat ik in de onderste rij. Het was overduidelijk. “Elles, je moet de porties halveren.”

Twee weken later kreeg ik uitleg over vetten en suikers en kreeg ik een eet-advies en een richtlijn voor aantal calorieën. Dat viel voor mijn lengte en gewicht voorlopig best mee. Langzaam zou mijn lichaam gaan wennen aan kleinere porties en gezondere tussendoortjes. Ik mocht best éénmaal per week een smoske van de broodjeszaak uit Essen. Maar dan geen half stokbrood, maar een pistoleke. Het beleg was gelukkig goed: gegrilde kip met augurk en een heel klein beetje cocktailsaus. Dat kon zo blijven. Ik nam geen uitgeperste sinaasappelsap meer mee (1 glas is drie of vier porties fruit!) maar twee bakjes gesneden mango en ananas. Aangezien ik een fruitallergie is mijn keuze is zeer beperkt. Verder had ik als lunch een salade met tonijn of wat koude rijst met boontjes en kip. De eerste week had ik barstende koppijn: ontwenningsverschijnselen van de suikerverslaving.

Echter, toen kwam onze vakantie eraan. All-inclusieve in een zonnig land, aan het strand. Niet verkeerd. Maar als je van lekker eten houdt, is het alsof je de kat op het spek gaat binden. “Probeer gewoon te genieten, niet aan lijnen te denken. Het zou mooi zijn als je hetzelfde weegt als nu en probeert om niet aan te komen”, zei lieve Lieve. (zo heet ze hé, mijn voedselcoach). We noteerden op 28 maart samen de teller van de weegschaal, zij in haar computer; ik in mijn hoofd: one hundred and twenty-two (gelukkig speelden we geen Dart).