Archives for eten

Van de Dikke naar de Dunne – week 7

De tijd gaat snel ondanks dat ik thuis zit. Het is alweer 7 weken geleden en inmiddels ben ik 16 kg afgevallen. Afgelopen week kocht ik een nieuwe broek en truitje in maat 46! En dan te weten dat ik een volle vuilniszak heb gevuld met kleding maat 54. Ongelooflijk.

Gewoon eten

Ik heb asperges gegeten met een stukje zalm, een keer macaroni en eet nu bijna elke avond hetzelfde als mijn gezin, maar natuurlijk wel in kleinere porties en zonder de aardappelen. De vrijdagse friet sla ik over. Omdat ik momenteel mantelzorger ben voor een goede vriend die in het gips zit, rijd ik vrijdags op het friettijdstip met hem en zijn moeder naar de supermarkt voor de wekelijkse boodschappen. Tegen de tijd dat hij uit het gips is, zal ik wel eens kijken of ik het aandurf om een paar pijltjes friet uit te proberen.

Showtime

Want dat is het steeds, durven experimenteren met eten. De ochtenden breng ik nog steeds door in de buurt van het toilet. Dat is ook de reden dat ik van de bedrijfsarts nog twee weken thuis mag werken en de bedoeling is om 1 mei op kantoor te starten. Over kantoor gesproken; donderdagmiddag was ik in Middelburg. Een warm welkom van mijn collega’s in de grote kantoortuin. Iedereen kwam naar me toe en ik werd van boven tot onder bekeken hihi. Showtime! Ze hadden me al zes weken niet meer gezien en dankbaar nam ik de vele complimentjes in ontvangst. Thuis zien mijn drie mannen me elke dag en dat is dan toch net even anders.

Ons Zeeuwen bin niet zuunig

De kantoorschatjes hadden ook een inzamelingsactie gehouden voor een nieuwe outfit. Ik was er verlegen van want ik kreeg maar liefst 160,00 euro om te gaan shoppen. Ik ben er al dagenlang beduusd van. De spreuk “Ons Zeeuwen bin zuunig” was hier niet van toepassing. Woorden schieten te kort. Dankjewel dekt de lading niet.

Lachspieren

Afgelopen dinsdag was ook mijn eerste in de reeks van 8 sportuurtjes in de Obesitaskliniek. Onder begeleiding van twee fysiotherapeuten en samen met acht lotgenoten leggen we een spierversterkend sportparcours af. Er staat een leuk muziekje op en na een opwarming van 10 minuten moeten we steeds 2 minuten bepaalde oefeningen doen en dan weer doorschuiven naar de volgende. Ondanks mijn jichthand kon ik gelukkig aan bijna alles meedoen. Het leuke is dat er geen fitnesstoestellen gebruikt worden, maar simpele oefeningen die met enige improvisatie ook thuis uitgevoerd kunnen worden. We zijn natuurlijk nog niet zover dat we in strakke fitnesspakjes aan de start staan maar enige sportkleding zou gepast zijn. Er was een dame bij die in een zonnejurkje met spaghettibandjes tijdens de opwarmingsronde tegenover mij plaatsnam op de roeimachine. Ze had een peervormig figuur. Bij elke roeibeweging werd haar jurkje omhoog geblazen. Ik kon tot in Brussel kijken en het uitzicht blies me van mijn ligfiets. Met grote moeite probeerde ik mijn blik hoger op haar vriendelijke gezicht te richten en haar bemoedigend toe te lachen. Want de grijs op mijn gezicht werd steeds groter. Gelukkig ging het fluitje van onze coach. Volgende week kies ik een toestel naast haar uit.

 

Hemelse goedheid – tussen hemel en aarde

 

voorkant boek hemels genot

inzending verhalenwedstrijd Hemels Genot – met auteur Lulu Wang in de jury. Mijn inzending ‘Hemelse Goedheid’ zat bij de winnende verhalen en is opgenomen in de bundel Hemels Genot. (2013)

Ik ben dood. Gestorven in mijn hemelbed. Omringd door degenen die ik graag om me heen zou hebben wanneer het zo ver was. Het is raar om dood te gaan. Het doet geen pijn, eerst zag ik een soort licht. Niet constant maar af en toe dook het op in mijn hoofd. Daarna steeds vaker tot het licht niet meer wegging. Geen fel licht, nee meer een soort mistachtige substantie. Heel vreemd.

Alles om me heen lijkt ver van me af plaats te vinden, maar soms ook weer niet. Alsof je dronken bent, denk ik. Maar dat weet ik niet zeker want ik ben in mijn hele leven nog nooit dronken geweest. De mensen rond mijn bed praten met gedempte stemmen tegen elkaar. Net alsof ik er niet meer bij ben. Dat vind ik zeer storend dus ik sla mijn ogen open.

‘Kijk nou, ze kijkt’,  hoor ik mijn dochter opgewonden zeggen. Ik kan haar gezicht slechts wazig zien.
‘Mam, mam hoor je me?’ Ze pakt mijn hand en zegt hoeveel ze van me houdt. Haar stem breekt en huilend gaat ze verder. Dat ze altijd van me is blijven houden, ook de jaren dat ze niet meer thuiskwam. Ze zegt dat ze mijn kleinzoon nooit bij me weg heeft willen houden. Het was allemaal de schuld van die lul, haar ex. Zo pleit ze zichzelf vrij. Wat een stomme smoes, hier heb ik geen zin in, veel te vermoeiend en ik sluit mijn ogen.
‘Mam, mam, niet weggaan’, smeekt ze jankend.
‘Mam ik moet je nog zoveel zeggen.’
‘Beetje laat zus’, hoor ik Alex brommen. Alex, de schat. De ideale zoon van iedere moeder. Altijd attent. Hij heeft voor me gezorgd tot vandaag. Zoveel liefde, vooral toen mijn man me voorging en ik alleen achterbleef. Alex kwam de tuin doen, deed de zware boodschappen. Nam me mee naar de stad, zelfs toen ik bijna niet meer lopen kon. Hij parkeerde de auto gewoon op de stoep, hielp me in mijn rolstoel en installeerde me aan ons favoriete tafeltje bij het raam. Hij bestelde steevast twee schuimgebakjes met thee, als kind was ik er al dol op en dat is nooit veranderd. De smaak van smeltend zoete merengue, gecombineerd met de koude chocolade mousse in de hart van dit perfecte taartje. En dan een slokje hete thee, zonder suiker. Als Hemels genot.

Maar ik dwaal af.
Ik ben dus dood en mijn ziel zweeft nog in de kamer. Kijkt neer op wat eens mijn lichaam was. Iedereen in de kamer heeft verdriet. Alex probeert zijn tranen te verdringen, wil sterk zijn voor zijn kinderen en zijn lieve vrouw. Mijn dochter, zo overdreven huilend. Zo schijnheilig. Of zou ze echt spijt hebben? Ik weet het niet.
Mijn lieve vriendinnen, ze zitten op de tweede rang maar dat zijn ze voor mij beslist niet. Familie heb je, die kan je niet kiezen. Maar vriendinnen daarentegen, je ontmoet ze en de liefde groeit. Sommige ken ik al bijna mijn hele leven. Ik ga ze ook missen.

Het is waar wat ze zeggen, vlak voor je sterf trekt je leven aan je voorbij. In snelle, opeenvolgende beelden bezie ik mijn jeugd, helder alsof het gisteren was. Mijn ouders. Altijd hard aan het werk om ons een zorgeloze jeugd te geven. Mijn zussen, zo verschillend. Vaak ruzie makend tot iemand aan één van hen kwam. Dan vochten ze voor elkaar als leeuwen. Mijn lieve vader die veel te vroeg was doodgegaan. Ik heb hem al gezien hoor, hij wacht me op. Ik ben daarboven niet alleen.
Vervolgens komen mijn vriendjes voorbij gevlogen, het waren er niet zo veel dus daar ben ik zo mee klaar.
Het fijne leven met mijn man. De mooie reizen die we gemaakt hebben samen. De geboorte van onze kinderen. Alles voltrekt zich opnieuw als een film, compleet met emoties, geluiden en geuren. Zo’n vreemde gewaarwording. En ook wel mooi, lang vervlogen herinneringen komen boven zoals je door een fotoalbum bladert. We hebben een prachtig leven gehad samen en ik zou het zo weer met hem overdoen. Alles, de goede en kwade dagen.

Mijn begrafenis is zoals ik gewenst had, een prachtige witte kist met zachte fluwelen bekleding in plaats van het kille satijn. Heel veel bloemen, bedwelmend geurende lelies, tere witte rozen, en mijn lievelingsbloemen: pioenrozen.
Een volle kerk en mensen die zo lovend over mij spreken. Eindelijk de goedkeuring waar ik mijn hele leven zo naar gesnakt heb.
Prachtige fadomuziek van Marizza vult het statige, eeuwenoude gebouw. Mijn lievelingslied is een vrolijk deuntje, ik zie mensen verrast opkijken.De akoestiek klinkt beter dan uit een Ipod-dock.
Dan is het voorbij. Kerkklokken luiden. Iedereen loopt langs mijn kist voor een laatste groet.
Mijn vader knipoogt naar me en stuurt me een kushandje, mijn lieve echtgenoot staat naast hem.
‘Ik kom zo, wil nog even van dit moment genieten’ roep ik hen toe.

De muziek zwelt aan, de prachtige stem van Andrea Bochelli, hij zingt de sterren van de hemel.
Ik sla mijn ogen open, zie lichtstralen helder binnenstromen, stofdeeltjes dansend in de kamer. Zonnestralen beroeren liefkozend mijn gezicht. Ik lig in mijn hemelbed, onder het warme donzen dekbed. Wat een hemels genot om gewoon weer te ontwaken en de lachende geluiden te horen van mijn man die met de kinderen aan het voetballen is in de tuin. Dromen kunnen zo verrekte echt lijken. Ik haal diep adem door mijn neus en een lichte prikkeling van vers gezette koffie dringt binnen. Ik rek me uit en ongeremd blij, boordevol nieuwe energie, gooi ik het dekbed open. Ik loop naar de kaptafel en trek mijn badjas aan. Mijn leven begint opnieuw vandaag want ik zal koesteren wat me lief is tot mijn tijd gekomen is. Niet meer hunkeren naar goedkeuring. Want waarom zou het anders zo druk geweest zijn op mijn begrafenis?, knipoog ik tegen mijn spiegelbeeld. Straks eerst even naar de bakker, schuimgebakje halen.